George H. Warnock — Soteriologie

b1 — The Feast of Tabernacles


Progressieve soteriologie: drie feesten als heilsmodel

Warnock legt de structuur van zijn soteriologie vast in de drie jaarlijkse feesten van Israël als opeenvolgende ervaringen voor de kerk:

“Deze drie Feesten bestonden bovendien uit zeven hoofdgebeurtenissen… I Het Feest van het Pascha… II Het Feest van Pinksteren… III Het Feest van Loofhutten.”1

(Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 1)

De volgorde is dwingend: Pascha → Pinksteren → Loofhuttenfeest, en geen fase mag worden overgeslagen.

“Laten wij niet stilstaan bij het Pascha; maar laten wij voortgaan om de vruchten te genieten waarvoor Christus stierf, namelijk de heerlijkheden van Pinksteren. En laten wij niet stilstaan bij dit gedeeltelijke herstel van Pinksteren, maar laten wij voortgaan om de volheid van de Pinksterervaring te genieten… En laten wij dan ook niet stilstaan bij de volheid van Pinksteren, maar laten wij voortgaan om ons de heerlijkheden van het Loofhuttenfeest toe te eigenen en te ervaren.”2

(Warnock, hst. 5)

Interpretatie: Dit schema impliceert dat de heilsorde niet eenmalig-voltooide rechtvaardiging als eindpunt kent, maar een progressieve voortgang naar eschatologische heiligmaking.


Rechtvaardiging (Pascha)

Het Pascha vertegenwoordigt rechtvaardiging door het bloed van Christus:

“Een experimentele toe-eigening van het Pascha brengt vergeving en rechtvaardiging voort van al onze zonden. Maar dat is in werkelijkheid een negatieve ervaring: het oude wordt weggenomen, zonden worden vergeven, het vorige leven wordt vergeten, en de zondaar blijft achter met een schoon register voor God en gereed om een nieuw leven te beginnen.”3

(Warnock, hst. 5)

“In de rechtvaardiging wordt hij vergeven; in deze nieuwe ervaring [Pinksteren] wordt hij toegerust voor dienst.”4

(Warnock, hst. 5)

Warnock verdedigt uitdrukkelijk de noodzaak van bloedverzoening:

“Want er is volstrekt geen aanvaarding voor enig mens voor God dan door het vergieten van het kostbare bloed van Christus. Het is het bloed dat verzoening doet voor de ziel, en ‘zonder bloedstorting geschiedt geen vergeving’ (Hebr. 9:22).”5

(Warnock, hst. 2)

Hij wijst Modernisme af dat het bloed van Christus niet erkent:

“Het Modernisme zal het Lam van God aanvaarden zoals Hij in de tempel onderwijst, een leven van gerechtigheid en reinheid leidt… Maar zij willen niets te maken hebben met het Lam dat voor hun zonden gekruisigd werd. En daarom is voor hen de deur der zaligheid gesloten.”6

(Warnock, hst. 2)

Rechtvaardiging is persoonlijke toe-eigening door geloof, niet universeel:

“Welken God voorgesteld heeft tot een verzoening (Verzoendeksel) door het geloof in Zijn bloed, tot een betoning van Zijn rechtvaardigheid voor de vergeving der zonden, die te voren geschied zijn… opdat Hij rechtvaardig zij, en rechtvaardigende dengene die uit het geloof van Jezus is (Rom. 3:25-26).”7

(Warnock, hst. 2)

En over de gratis redding door werken van de wet:

“Hij wordt niet door werken gered, en het is geheel onschriftuurlijk om heiligheid als middel tot zaligheid te leren. Want het is geen mens uit Adams gevallen geslacht in zijn macht zichzelf welbehaaglijk voor God te stellen. Er is niemand rechtvaardig, ook niet één; en uit de werken der wet zal geen vlees gerechtvaardigd worden voor God (zie Rom. 3:9-31).”8

(Warnock, hst. 2)


Wedergeboorte

De wedergeboorte geschiedt door de Geest en is vergelijkbaar met Christus’ inblazing in Joh. 20:22:

“Het oorspronkelijke Grieks van het woord ‘ontvangt’ bewijst afdoende dat juist daar en toen de Geest van God in de discipelen binnenging — en dat dit ingestorte leven hen bracht in de ervaring die wij wedergeboorte of nieuwe geboorte noemen. Even waarachtig als God in den beginne in Adams neusgaten den adem des levens blies en de mens ‘tot een levende ziel werd’ — zo blies nu de Laatste Adam… in de discipelen den adem van het geestelijk leven, en zij gingen experimenteel over van den dood in het leven.”9

(Warnock, hst. 5)

Warnock beschrijft de wedergeboorte als een echte maar nog onvolwassen geboorte:

“Onze nieuwe geboorte, door de Geest, hoe echt ook, is niet tot wasdom gekomen. Wij zijn naar Gods gelijkenis voortgebracht zoals het zaad dat door de bloem wordt voortgebracht, of het ei dat door de vogel wordt gelegd. Dat zaad of dat ei is een echte geboorte, die alle mogelijkheden bevat van een nieuwe bloem precies gelijk aan de bloem die haar voortbracht… Maar de volle heerlijkheid en de mogelijkheden van dat nieuwe leven liggen sluimerend in het zaad of het ei.”10

(Warnock, hst. 7)

Interpretatie: De wedergeboorte is voor Warnock een reëel begin maar geen eindpunt; de volle maturiteit van de wedergeboorte (volledige heiligmaking) moet nog bereikt worden.


Heiligmaking en volledige heiligmaking (Dag van Verzoening)

De Dag van Verzoening (zevende maand) vertegenwoordigt de experimentele reiniging van de kerk als lichaam:

“Dat een volle en volledige Verzoening voor het gehele menselijk geslacht door Jezus Christus aan het Kruis is gemaakt, daarover bestaat geen enkele twijfel. Maar het is maar al te duidelijk… dat wij ons nooit werkelijk enige reële mate van het grote verzoenende werk van het Kruis hebben toegeëigend. En het is deze experimentele toe-eigening van de Verzoening waarin de Kerk nu moet binnentreden.”11

(Warnock, hst. 7)

“God doet nu een nieuwe generatie opstaan die toegerust zal worden om het beloofde land van geestelijke kracht en gezag in te nemen… en het rijk van de Geest van God binnen te treden.”12

(Warnock, hst. 1)

Warnock betoogt dat de kerk historisch nooit de volledige heiligmaking heeft bereikt:

“Werkelijke overwinning over de zonde en de vleselijke natuur ligt nog vóór de Kerk van God.”13

(Warnock, hst. 7)

Hij verwerpt holiness-aanspraken die niet overeenkomen met de maatstaf van 1Joh. 3:6-9:

“‘Een iegelijk die uit God geboren is, doet de zonde niet, want zijn zaad blijft in hem; en hij kan niet zondigen, want hij is uit God geboren’ (1Joh. 3:9)… De enige schriftuurlijke verklaring van dit vers is dat wij niet ‘wedergeboren’ zijn in de volheid van deze wedergeborende ervaring.”14

(Warnock, hst. 7)

De volledige heiligmaking komt niet door eigen inspanning maar via de bedieningen van Ef. 4:

“God heeft een ander plan — een veel heerlijker plan, en toch een zeer eenvoudig plan… ‘En Hij heeft sommigen gegeven tot apostelen, en sommigen tot profeten, en sommigen tot evangelisten, en sommigen tot herders en leraars; tot de volmaking der heiligen, tot het werk der bediening, tot opbouwing van het lichaam van Christus: Totdat wij allen zullen komen… tot een volkomen man, tot de mate van de grootte der volheid van Christus’ (Ef. 4:11-13).”15

(Warnock, hst. 7)

“God verhaast de dag en het uur van de Christelijke volmaaktheid. Wij hebben haar niet, noch hebben wij haar in enig persoon, ergens, op enig moment gezien.”16

(Warnock, hst. 7)


Verheerlijking: de manifestatie van de zonen Gods

Warnock beschrijft een toekomstige ‘openbaring van de zonen Gods’ als de soteriologische climax van het Loofhuttenfeest:

“In dit grote uur zal God Zelf in wonderbare soevereiniteit ingrijpen ten behoeve van hen die het visioen zien, en zal Hij hen door alles heen tot volledige en glorieuze overwinning voeren.”17

(Warnock, hst. 1)

“Er bestaat geen twijfel over het feit dat eens ‘de Heere Zelf met een geroep zal nederdalen van den hemel,’ en de heiligen zullen worden weggevoerd om voor altijd bij Hem te zijn (1Tess. 4:16). En wederom: ‘In een ondeelbaar ogenblik, in een oogwenk, met de laatste bazuin…’ (1Kor. 15:52). Dit is de uiteindelijke overwinning voor de Kerk, wanneer de sterfelijkheid bekleed wordt met onsterfelijkheid.”18

(Warnock, hst. 14)

Hij spreekt ook van een ‘opstanding hier en nu’ voor een groep overkomers, vóór de eindtijdse opstanding:

“Voordat deze gekoesterde opname of opstanding plaatsvindt, zal er een groep overwinnaars opstaan die zelfs hier en nu hun erfdeel van het Opstandingsleven in Jezus Christus zullen toe-eigenen.”19

(Warnock, hst. 14)


Overkomers (elite-soteriologie)

Warnock introduceert een onderscheid tussen gewone gelovigen en ‘overkomers’:

“God zij dank evenwel voor de zekerheid dat sommigen het land in bezit zullen nemen! God gaat deze bedeling niet afsluiten totdat sommigen werkelijk binnengaan en hun erfdeel in Christus Jezus in bezit nemen. Paulus verklaarde: ‘Dewijl er dan overig is dat sommigen daarin moeten ingaan’ (Hebr. 4:6).”20

(Warnock, hst. 1)

“Wie overwint volgens de Bijbel gaat in tot de overwinning en triomf van Christus zelf — een overwinning die nimmer verloren of verbeurd kan worden.”21

(Warnock, hst. 7)

Interpretatie: Warnock hanteert een soteriologisch onderscheid waarbij niet alle gelovigen de volledige heilsrealiteit (Loofhuttenfeest) bereiken; de ‘overkomers’ vormen een apart eschatologisch segment binnen de kerk.


Verwerping pre-tribulatietheologie

“De Kerk van Christus is letterlijk gevuld met vleselijke, aards-gezinde Christenen die in gemak en zelfgenoegzaamheid achterover leunen en wachten op een opname die hen zal wegvoeren uit het midden van de Grote Verdrukking der aarde… Het is niet waar.”22

(Warnock, hst. 6)

“De opname van de Kerk [is niet] het plan van God voor de volmaking der heiligen, en hun bevrijding van zonde en vleselijkheid.”23

(Warnock, hst. 7)


Omvang van de verzoening

Warnock stelt dat Christus verzoening gemaakt heeft voor de hele mensheid, maar benadrukt toe-eigening door geloof:

“Dat een volle en volledige Verzoening voor het gehele menselijk geslacht door Jezus Christus aan het Kruis is gemaakt, daarover bestaat geen enkele twijfel.”24

(Warnock, hst. 7)

Hij verwijst ook naar Joh. 12:24 in de context dat Christus’ dood ‘veel vrucht’ zou dragen en ‘alle mensen’ zou bereiken:

“Indien en wanneer zijn dood volbracht zou zijn, dan zou Hij in staat zijn leven te bedienen aan alle mensen, ongeacht ras of nationaliteit, in de grote oogst die op zijn opstanding zou volgen.”25

(Warnock, hst. 4)

[SPANNING: Warnock stelt enerzijds dat de verzoening ‘voor de hele mensheid’ gemaakt is (objectieve scope), maar anderzijds dat rechtvaardiging persoonlijke toe-eigening door geloof vereist. Expliciete universalistische conclusies trekt hij niet.]


Zekerheid van behoud

Warnock wijst op de mogelijkheid dat gelovigen ‘achterblijven’ (in de woestijn, nooit Kanaän ingaan):

“De eerste generatie die door Mozes uit Egypte uittrok faalde binnen te gaan vanwege ongeloof, en God besloot dat zij in de woestijn zouden sterven.”26

(Warnock, hst. 1)

Interpretatie: Warnock lijkt een veiligheid van rechtvaardiging te aanvaarden (‘God is satisfied with the work of Calvary’) maar de volledige heilsrealiteit afhankelijk te maken van geloofsvoortgang.


Originele citaten

Footnotes

  1. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 1): “These three Feasts, moreover, consisted of seven major events… I The Feast of the Passover… II The Feast of Pentecost… III The Feast of Tabernacles.”

  2. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 5): “Let us not stop at the Passover; but let us go on to enjoy the fruits for which Christ died, even the glories of Pentecost. And let us not stop at this partial restoration of Pentecost, but let us go on to enjoy the fulness of the Pentecostal experience… And even then, let us not stop at the fulness of Pentecost, but let us go on to appropriate and experience the glories of the Feast of Tabernacles.”

  3. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 5): “An experiential appropriation of the Passover produces pardon and justification from all our sins. But that is really a negative experience: the old is taken away, sins are forgiven, the past life is forgotten, and the sinner is left with a clean record before God and ready to start a new life.”

  4. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 5): “In justification he is pardoned; in this new experience [Pentecost] he is empowered for service.”

  5. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 2): “For there is positively no acceptance for any man before God except by the shedding of the precious blood of Christ. It is the blood that maketh atonement for the soul, and ‘without shedding of blood is no remission.’ (Heb. 9:22).”

  6. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 2): “Modernism will accept the Lamb of God as He teaches in the temple, lives a life of righteousness and purity… But they will have nothing to do with the Lamb who was crucified for their sins. And therefore the door of salvation is closed to them.”

  7. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 2): “Whom God hath set forth to be a propitiation (Mercy Seat) through faith in his blood, to declare his righteousness for the remission of sins that are past… that he might be just, and the justifier of him which believeth in Jesus. (Rom. 3:25, 26).”

  8. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 2): “He is not saved by works, and it is entirely unscriptural to teach holiness as the means of salvation. For it is not within the power of any man in Adam’s fallen race to present himself acceptably before God. There is none righteous, no not so much as one; and by the works of the law there shall no flesh be justified in God’s sight. (See Rom. 3:9-31).”

  9. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 5): “The original Greek of the word ‘receive ye’ proves conclusively that right there and then the Spirit of God entered into the disciples—and that imparted life brought them into the experience which we call regeneration or new birth. Just as truly as God in the beginning breathed into Adam’s nostrils the breath of life and man ‘became a living soul,‘—so now the Last Adam… breathed into the disciples the breath of spiritual life, and they passed experientially from death unto life.”

  10. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “Our new birth, by the Spirit, genuine as it is, has not developed into maturity. We have been reproduced after God’s likeness like the seed which is produced by the flower, or the egg that is produced by the bird. That seed or that egg is a genuine birth, containing all the potentialities of a new flower exactly like the flower that produced it… But the full glory and the potentialities of that new life lie dormant within the seed or the egg.”

  11. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “That full and complete Atonement was made for the whole human race by Jesus Christ on the Cross, there is no doubt whatsoever. But it is only too evident… that we have never really appropriated any real measure of the great atoning work of the Cross. And it is this experimental appropriation of the Atonement that the Church must now enter into.”

  12. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 1): “God is now raising up a new generation who shall be empowered to take the promised land of spiritual power and authority… and enter into the realm of the Spirit of God.”

  13. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “Real victory over sin and the carnal nature is still ahead for the Church of God.”

  14. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “‘Whosoever is born of God doth not commit sin; for his seed remaineth in him: and he cannot sin, because he is born of God.’ (1John 3:9) … The only scriptural explanation of this verse is that we are not ‘born again’ in the fulness of this regenerating experience.”

  15. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “God has another plan—a far more glorious plan, and yet a very simple plan… ‘And he gave some, apostles; and some, prophets; and some, evangelists; and some, pastors and teachers; for the perfecting of the saints, for the work of the ministry, for the edifying of the body of Christ: Till we all come… unto a perfect man, unto the measure of the stature of the fulness of Christ.’ (Eph. 4:11-13).”

  16. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “God is hastening the day and hour of Christian perfection. We do not have it, nor have we seen it in any person anywhere at any time.”

  17. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 1): “In this great hour God Himself will intervene in wonderful sovereignty on behalf of those who see the vision, and will take them through to complete and glorious victory.”

  18. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 14): “There is no question as to the fact that one day ‘the Lord himself shall descend from heaven with a shout,’ and the saints shall be caught away to be with Him for ever. (1Thess. 4:16.) And again, ‘In a moment, in the twinkling of an eye, at the last trump…’ (1Cor. 15:52.) This is the final victory for the Church, when mortality is clothed upon with immortality.”

  19. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 14): “Before this cherished rapture or resurrection takes place, there is to arise a group of overcomers who shall appropriate even here and now their heritage of Resurrection Life in Jesus Christ.”

  20. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 1): “Thank God, however, for the assurance that some are going to possess the land! God is not going to close this dispensation until some really enter in and possess their heritage in Christ Jesus. Paul declared, ‘Seeing therefore it remaineth that some must enter therein.’ (Heb. 4:6).”

  21. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “He that overcometh according to the Bible enters into the very victory and triumph of Christ—a victory which can never be lost or forfeited.”

  22. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 6): “The Church of Christ is literally filled with carnal, earthly-minded Christians who sit back in ease and self-complacency and await a rapture that will translate them out of the midst of earth’s Great Tribulation… It is not true.”

  23. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “The rapture of the Church [is not] the plan of God for the perfecting of the saints, and their deliverance from sin and carnality.”

  24. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 7): “That full and complete Atonement was made for the whole human race by Jesus Christ on the Cross, there is no doubt whatsoever.”

  25. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 4): “If and when His death was accomplished, then He would be able to minister life to all men, irrespective of race or nationality, in the great harvest that would follow His resurrection.”

  26. Origineel EN (Warnock, The Feast of Tabernacles, hst. 1): “The first generation that came out of Egypt by Moses failed to enter in because of unbelief, and God decreed that they would die in the wilderness.”