Definitie
Arminianisme is de theologische traditie die de menselijke vrije wil en de conditionele verkiezing centraal stelt, in tegenstelling tot het calvinisme. Vernoemd naar Jacobus Arminius (1560-1609) en uitgewerkt door de Remonstranten. In het corpus fungeert het als contrast-term in het debat over verlossingsomvang en predestinatie, maar geen van de auteurs neemt het als positieve identiteitsmarker over.
Gebruik in het corpus
Stephen Jones
Jones bekritiseert het arminianisme niet op grond van zijn nadruk op de menselijke wil, maar op grond van zijn gedeelde premisse met het calvinisme: dat niet-geredden eeuwig verloren gaan. Voor Jones is de werkelijke tegenstelling niet “Calvijn vs. Arminius” maar “universele restauratie vs. partiële verlossing.” Beide tradities falen omdat ze de apokatastasis afwijzen. Hij beschrijft het als een vals dilemma: “In plaats van de Achan-leer van de eeuwige straf te betwisten, twijfelden de meesten aan de leer van de uitverkiezing.” [Jones, Creation’s Jubilee, H11]
George Warnock
Warnock wijst het arminianisme af als incompleet omdat het heiligmaking en de manifestatie van de zonen Gods onvoldoende verdisconteert in zijn soteriologie. Zijn nadruk op de noodzaak van het Loofhuttenfeest (volle heiligmaking) impliceert dat rechtvaardiging-alleen (arminiaans Pascha-punt) onvoldoende is voor het eschatologische doel.