onveranderlijkheid
Definitie
Onveranderlijkheid (immutabilitas Dei) is het attribuut waarmee de theologie aanduidt dat God in zijn wezen, karakter en trouw onveranderlijk is. God is niet onderhevig aan groei, verval of gemoedswisselingen. In dit corpus fungeert onveranderlijkheid primair als pastorale zekerheidsgrond: omdat God niet verandert, zijn zijn beloften en zijn verlossingsplan betrouwbaar door de tijd heen.
Gebruiksvarianten per auteur
Watchman Nee / Witness Lee
Nee/Lee behandelen onveranderlijkheid expliciet als pastorale zekerheidsgrond voor de verlossing. De constante liefde van God garandeert de betrouwbaarheid van zijn toezeggingen:
“Het is geworteld en gegrond in een God die onveranderlijk is in zijn liefde en trouw jegens ons (Mal. 3:6). Jak. 1:17 zegt: ‘De Vader der lichten, bij wie geen verandering is of schaduw van omwenteling.’ Klaagl. 3:22-23 zegt: ‘Zijn ontfermingen houden niet op; zij zijn elke morgen nieuw. Groot is uw trouw.‘”
(Basic Elements of Christian Life vol. 1, hfst. 2)
Gods onveranderlijkheid garandeert bij Nee/Lee dat de verlossing vaststaat, ook bij menselijk falen.
Stephen Jones
Jones werkt onveranderlijkheid uit als de onwrikbaarheid van Gods eis aan naties door de eeuwen heen:
“Het is belangrijk in gedachten te houden dat de schuldbrief in stand bleef, omdat God altijd de vruchten van het Koninkrijk heeft geëist en dit zal blijven eisen totdat een volk opkome dat God kan betalen wat hem verschuldigd is.”
(Secrets of Time, hfst. 10; vgl. Matt. 21:43)
Jones beschrijft ook Gods onveranderlijkheid als zijn gebondenheid aan zijn eigen wet:
“De wet kan de schuldige niet vrijspreken, noch heeft de rechter het gezag om de wet te negeren door te weigeren vonnis te vellen. Maar de rechter heeft wel de mogelijkheid — evenals ieder ander — om de straf zelf te betalen.”
(Secrets of Time, hfst. 4)
Gods onveranderlijkheid impliceert bij Jones niet een statische God maar een betrouwbaar-rechtvaardige God: zijn eis verandert niet, maar zijn middelen om die eis te vervullen zijn soeverein.