afsterving

Definitie

Afsterving (ook: versterving, doding) verwijst naar het proces van sterven aan het “oude zelf” — de gelovige die door identificatie met Christus’ dood afstand neemt van de oude, zondegedomineerde levenswandel. De term sluit aan bij de Heidelberger Catechismus Zondag 33, die spreekt over “de afsterving van de oude mens”. In Noordzij’s soteriologisch schema is afsterving geen optionele geestelijke discipline maar een essentieel onderdeel van de doop in Christus (Rom. 6:3–5). Zonder het sterven aan het oude leven is opstanding naar nieuw leven in Christus niet mogelijk.

Gebruik in het corpus

Cees Noordzij

Noordzij verbindt afsterving rechtstreeks aan de derde doop — doop in Christus Jezus:

Doop in Christus Jezus vindt plaats door de Heilige Geest — een transformatief proces naar geestelijke volwassenheid en Gods zoonschap, wat versterving van het “oude zelf” en opstanding naar “nieuw leven” meebrengt (Romeinen 6:3–5).

Afsterving is het negatieve moment van het transformatieproces: het afsterven van wat onverenigbaar is met Christus’ leven. Het positieve moment is de opstanding naar nieuw leven. Beide momenten zijn onlosmakelijk verbonden — wie sterft met Christus, leeft ook met Hem (Rom. 6:8). [Noordzij, Wat is dopen?, b10]

De afsterving is niet éénmalig maar een voortdurend aspect van de geestelijke vorming: de Heilige Geest werkt doorlopend aan het afleggen van de “oude mens” en het aantrekken van de “nieuwe mens” (Ef. 4:22–24; Kol. 3:9–10).

Verwante termen