canonvorming

Definitie

Canonvorming is het historische en theologische proces waarbij de gemeenschap van gelovigen — in het OT het Joodse volk, in het NT de vroege kerk — tot overeenstemming is gekomen over welke boeken deel uitmaken van de gezaghebbende Schrift. De term omvat zowel de criteria voor canoniciteit (apostoliciteit, katholiciteit, orthodoxie) als de historische erkenning van het gesloten kanon.

In dit corpus wordt canonvorming primair behandeld door Bullinger, die de numerieke structuur van het OT-kanon gebruikt als apologetisch bewijs. De overige auteurs veronderstellen de canon als gegeven; een systematische canonleer ontbreekt bij hen.

Gebruiksvarianten per auteur

E.W. Bullinger

Bullinger bespreekt canonvorming in Number in Scripture (1921) via de Hebreeuwse indeling van het OT. Hij stelt de Hebreeuwse handschriften als enige gezaghebbende maatstaf:

“Maar al deze berekeningen hebben geen waarde, omdat geen van hen gebaseerd is op enig gezag, en alle ingaan tegen het gezag van de Hebreeuwse handschriften, wat alles is dat wij ter beschikking hebben om ons te leiden. Met andere woorden: het aantal en de volgorde van de boeken van de Bijbel komen tot ons op precies hetzelfde gezag als de feiten en leerstukken ervan.”

(E.W. Bullinger, Number in Scripture, 4e dr., 1921, Hfdst. II, sectie ‘The Books of the Bible’)

De Hebreeuwse indeling geeft 24 OT-boeken, waarbij hij de getalsymboliek duidt:

“In de Hebreeuwse handschriften worden Ezra en Nehemia altijd als één boek gerekend, met de ene naam Ezra. Elk van de dubbele boeken wordt als één boek geteld (bijv. 1 en 2 Samuël, 1 en 2 Koningen, en 1 en 2 Kronieken), en alle kleine profeten worden ook als één boek gerekend. Dit maakt 24 boeken in totaal. Dit is 8 × 3, waarbij beide factoren het getal stempelen met het zegel van goddelijke volmaaktheid.”

(ibid.)

Opmerkelijk is Bullingers gebruik van gematria als argument voor de canoniciteit van Hebreeën als Paulinisch geschrift: zonder Hebreeën telt Paulus 13 brieven; mét Hebreeën zijn het 14 (= 2 × 7), wat in zijn systeem de “voltooiing” markeert.

Zie ook