Definitie

Dispensationalisme is een theologisch-eschatologisch systeem dat de bijbelgeschiedenis indeelt in afzonderlijke tijdperken (dispensaties) waarin God op fundamenteel verschillende wijzen met de mensheid handelt. Het klassieke Darby-Scofield dispensationalisme leert: (1) een scherpe scheiding tussen de kerk en het volk Israël, (2) een pre-tribulatoire opname van de kerk, (3) een toekomstig letterlijk herstel van Israël als natie, en (4) een letterlijk duizendjarig Davidisch koninkrijk te Jeruzalem. Dispensationalisme is nauw verbonden aan het futuristische lezen van Dan. 9:24-27 (de 70ste week ligt nog in de toekomst) en Openb. 4-19 (de kerkperiode is afgelopen vóór de verdrukking).

Gebruik in het corpus

Stephen Jones

Jones verwerpt het dispensationalisme expliciet. Zijn kritiek richt zich primair op de pre-tribulatoire opname-verwachting en de identificatie van de moderne Israëlische staat met het bijbelse Israël: “De christelijke wereld schaarde zich onmiddellijk achter die staat en verkondigde vrijmoedig dat de opname ieder moment kon plaatsvinden, de verdrukking nabij was, en de Joden spoedig tot Christus zouden worden bekeerd. Dat dit niet plaatsvond, is inmiddels duidelijk.” Jones hanteert wél een tijdperkstructuur (Pascha / Pinksteren / Loofhutten), maar fundeert deze in de feestdagencyclus van Lev. 23, niet in het Darby-systeem. Zijn kritiek treft de uitwerking van het dispensationalisme (Israel-kerk-scheiding, pre-trib opname), niet het idee van heilshistorische tijdperken als zodanig. [Jones, Secrets of Time, hfst. 11 en 14]

E.W. Bullinger

Bullinger werkt in een futuristisch kader dat overlapping vertoont met dispensationalisme: zijn behandeling van Dan. 9:24-27 positioneert de 70ste week als toekomstig, zijn chronologie van de vier heidense koninkrijken verwacht een letterlijk vijfde aards koninkrijk van Christus, en zijn lezing van de Grote Verdrukking als letterlijke 1260 dagen sluit aan bij het futuristisch-dispensationele schema. Bullinger schreef echter vóór de Scofield-codificatie en formuleert zijn posities als getallensymboliek, niet als ecclesiologisch systeem. [Bullinger, Number in Scripture, Deel I, hfst. I-II]

Zie ook