Boom der kennis van goed en kwaad
Typologische behandeling in het corpus
De boom der kennis van goed en kwaad (Gen. 2:9) wordt door Witness Lee (b2) expliciet aangeduid als type van Satan — “de bron van de dood” — en door Watchman Nee (b6) als type van de zielmatige, van God onafhankelijke kennis die de menselijke geest verstikt. Beide dimensies zijn aanwezig bij Nee/Lee, waarbij de typologische markering bij Lee het scherpst is geformuleerd.
Bijbelse verankering
| Referentie | Context |
|---|---|
| Gen. 2:9 | Boom der kennis van goed en kwaad staat in het midden van de hof, naast de levensboom |
| Gen. 2:17 | God verbiedt het eten: “ten dage als gij daarvan eet, zult gij de dood sterven” |
| Gen. 3:6 | Eva eet van de vrucht en geeft ook aan Adam |
| Ps. 36:9 | ”Want bij U is de fontein des levens” — contrastvers: God als bron van leven tegenover Satan als bron van dood |
| Hebr. 2:14 | ”hem die de macht des doods had” — Satan als de doodsmacht |
| Rom. 7:17 | ”niet meer ik, maar de zonde die in mij woont” — Zonde als gepersonifieerde inwoner |
Typologische duiding per auteur
Lee
Witness Lee plaatst de boom der kennis in een kosmisch-dualistisch kader: de twee bomen in de hof vertegenwoordigen twee tegengestelde bronnen die in het universum werkzaam zijn. De boom des levens vertegenwoordigt God als bron van leven; de boom der kennis vertegenwoordigt Satan als bron van de dood.
“Wat is de betekenis van de tweede boom, de boom van de kennis van goed en kwaad? Deze boom vertegenwoordigt niets anders dan Satan, de bron van de dood. De tweede boom brengt dood, omdat hij de zeer bron van de dood is. De eerste boom is de bron van leven, en de tweede boom is de bron van de dood. In het gehele universum is alleen God Zelf de bron van leven, en alleen Satan is de bron van de dood. Een vers dat aantoont dat God Zelf de bron van leven is: Ps. 36:9: ‘Want bij U is de fontein des levens’; en een vers dat aantoont dat Satan de bron van de dood is: Hebr. 2:14: ‘hem die de macht des doods had.‘”1
Lee benadrukt dat het eten van de vrucht geen primair morele handeling was, maar een ontologische: Adam nam Satan — via de vrucht als drager — in zichzelf op:
“De vrucht bevat de reproducerende kracht van leven. Adam was de ‘aarde.’ Toen hij de vrucht van de boom van kennis in zichzelf opnam als in de aarde, ontving hij Satan, die vervolgens in hem groeide. De vrucht van Satan werd als zaad in Adam gezaaid als in de bodem; zo groeide Satan in Adam en werd een deel van hem.”2
De ethische interpretatie van de val — goed of kwaad doen — wijst Lee expliciet af als misvatting van het typologische gehalte van de boom:
“O, mogen onze ogen worden geopend om te zien dat het in het gehele universum niet gaat om ethiek en goed doen, maar om ofwel God als leven ontvangen of Satan als dood. We moeten worden bevrijd van het ethische en morele begrip. Het gaat niet om goed of kwaad doen, maar om God als leven of Satan als dood ontvangen.”3
Nee
Watchman Nee behandelt de boom der kennis als type van de zielmatige, van God onafhankelijke kennis. Zijn uitleg is ingebed in een driedelig antropologisch kader (geest–ziel–lichaam): de boom des levens veronderstelt afhankelijkheid van God via de geest; de boom der kennis suggereert onafhankelijkheid via de ziel.
“Anderzijds suggereert de boom van de kennis van goed en kwaad onafhankelijkheid, omdat de mens door de uitoefening van zijn wil streefde naar kennis die niet beloofd was, naar iets wat God hem niet had toebedeeld.”4
De verbodsbepaling van God is bij Nee geen willekeurige test, maar heeft een antropologische grond: het eten van de vrucht activeert het zielenleven en verstikt daarmee de geest als contactorgaan met God:
“‘De vrucht van de kennis van goed en kwaad’ verheft de menselijke ziel en onderdrukt de geest. God verbiedt de mens niet van deze vrucht te eten om hem enkel op de proef te stellen. Hij verbiedt het omdat Hij weet dat door het eten van deze vrucht het zielenleven van de mens zo gestimuleerd wordt dat zijn geestesleven verstikt zal worden. Dit betekent dat de mens de ware kennis van God zal verliezen en aldus dood voor Hem zal zijn.”5
De dood die God aankondigde (Gen. 2:17) was daarmee primair een geestelijke dood:
“Toen God voor het eerst tot Adam sprak, zei Hij: ‘Ten dage als gij daarvan eet, zult gij den dood sterven’ (Gen. 2:17). Adam en Eva leefden echter nog honderden jaren na het eten van de verboden vrucht. Dit wijst er duidelijk op dat de dood die God voorspeld had, niet lichamelijk was. Adams dood begon in zijn geest.”6
Nee beschrijft ook hoe Satan de verleidingsstrategie stapsgewijs uitvoert via de boom — eerst het lichaam (eten), dan de ziel, dan de geest:
“Satan gebruikt de lichamelijke behoefte altijd als het eerste aanvalsdoel. Hij noemde slechts het eten van vrucht aan Eva — een volledig lichamelijke zaak. Daarna ging hij ertoe over haar ziel te verleiden, door te suggereren dat haar ogen zouden worden geopend om goed en kwaad te kennen… Satans verleiding reikt eerst tot het lichaam, dan tot de ziel en ten laatste tot de geest.”7
Betwiste aspecten
De board heeft dispatching goedgekeurd ondanks een eerdere disputed-markering. De spanning zit in het volgende: de boom der kennis wordt bij Nee/Lee niet als type van Christus beschreven — het antitype is negatief (Satan als doodsmacht; zielmatige onafhankelijkheid). Dit afwijkt van het klassieke typologische patroon waarbij een OT-type een positieve antitype in Christus of de gemeente heeft. Nee/Lee hanteren hier echter een uitgebreid typologisch vocabulaire: ook Satan en de dood kunnen vertegenwoordigd worden door bijbelse symbolen. Het corpus-auteur-criterium is voldaan: Lee gebruikt de term “vertegenwoordigt” expliciet.
Gerelateerde types
- Verbonden: boom-des-levens (contrasttype: boom des levens als type van God/Christus als levensbron)
- Verbonden: adam (Adam als drager van de vrucht en type van de gevallen mens)
Voetnoten
Footnotes
-
Witness Lee, b2 (The Economy of God), hoofdstuk 12. ↩
-
Witness Lee, b2 (The Economy of God), hoofdstuk 12. ↩
-
Witness Lee, b2 (The Economy of God), hoofdstuk 12. ↩
-
Watchman Nee, b6 (The Spiritual Man), deel I, hfst. 3 “The Fall of Man”. ↩
-
Watchman Nee, b6 (The Spiritual Man), deel I, hfst. 3 “The Fall of Man”; Gen. 2:17. ↩
-
Watchman Nee, b6 (The Spiritual Man), deel I, hfst. 3 “The Fall of Man”; Gen. 2:17. ↩
-
Watchman Nee, b6 (The Spiritual Man), deel I, hfst. 3 “The Fall of Man”. ↩