10 (Tien)
Symbolische behandeling van dit getal in het corpus
Bullinger · Jones
Het getal tien staat in het corpus voor goddelijke orde, wet en verantwoordelijkheid. Bullinger beschouwt het als het derde van de vier perfecte getallen en noemt het de “ordinale perfectie”: de ordelijke volheid van een reeks. Jones verbindt het via de Hebreeuwse letter Yod (gesloten hand, daad) aan het moment van oordeel en beloning wanneer Gods wet wordt afgerekend.
Bijbelse verwijzingen
| Verwijzing | Context |
|---|---|
| Ex. 20:1-17 | De Tien Geboden: fundament van Gods wet |
| Gen. 6:13 | Tiende vermelding van Noach: aankondiging van het oordeel |
| Gen. 22:3 | Tiende vermelding van Izak: de grote offergave op de berg |
| Dan. 7:10 | Tienduizend maal tienduizenden stonden voor God |
| Openb. 20:12-13 | Oordeel naar werken; de boeken geopend |
| Lev. 27:32 | De tiende van kudde en vee is heilig voor de Heer |
Symboliek in het corpus
E.W. Bullinger
Bullinger beschrijft tien als de “ordinale perfectie”: het getal van ordelijke volheid en verantwoordelijkheid. De Tien Geboden (Ex. 20) zijn het meest directe bijbelse bewijs. Hij wijst op het decimale stelsel als bewijs dat tien in de natuur als ordeningsprincipe fungeert. Het product van de vier perfecte getallen — drie maal zeven maal tien maal twaalf — levert tweeduizend vijfhonderdtwintig op, het getal van chronologische perfectie. 1
Stephen E. Jones
Jones beschrijft tien als het getal van goddelijke orde en wet, afgeleid van de Hebreeuwse letter Yod, de gesloten hand: de hand die werkt en handelt. Hij schrijft: “Tien is het getal dat de tijd van oordeel afbeeldt wanneer mensen ofwel beloning ontvangen ofwel onder goddelijk oordeel komen.” De Tien Geboden zijn het meest directe bewijs. Jones hanteert zijn methode van de N-de bijbelse naamvermelding: de tiende vermelding van Noach in Gen. 6:13 valt precies bij de aankondiging van het oordeel (“het einde van alle vlees is voor Mijn aangezicht gekomen”), en de tiende vermelding van Izak in Gen. 22:3 bij de grote offergave op de berg Moria. Beide patronen bevestigen dat tien het punt aanduidt waarop God rekenschap vraagt. 2