hemelse gewesten

Definitie

De hemelse gewesten (Grieks: τὰ ἐπουράνια) zijn in de Efeziërsbrief de bovenzinnelijke ruimte waarbinnen zowel de verheerlijkte Christus troont (Ef. 1:20) als de geestelijke machten van het kwaad opereren (Ef. 6:12). De term wijst op de onzichtbare dimensie van de werkelijkheid die menselijke waarneming te buiten gaat maar de aardse geschiedenis wezenlijk bepaalt. Kenmerkend voor Paulus’ gebruik in Efeziërs is een bewuste dubbelzinnigheid: dezelfde hemelse sfeer is het domein van Christus’ verheerlijkte heerschappij (Ef. 1:20-21; 2:6) én het domein waar principaten en machten nog steeds bezit nemen (Ef. 6:12). Deze spanning vormt de directe achtergrond van de oproep tot de volle wapenrusting in Ef. 6:10-18.

Gebruiksvarianten per auteur

Watchman Nee & Witness Lee

Nee werkt de hemelse gewesten uit als de kern van zijn tweelaagsmodel van werkelijkheid. Wat de gelovige ziet — menselijke vijanden, politieke machten, aards kwaad — is slechts het zichtbare masker van de werkelijke strijd die in de hemelse gewesten wordt gevoerd door principaten en machten die God uit zijn eigen koninkrijk willen weren:

“God heeft een aartsvijand, en onder zijn gezag bevinden zich talloos veel demonen en gevallen engelen die de wereld met kwaad willen overstromen en God uit Zijn eigen koninkrijk willen weren. […] onze strijd is niet tegen dezen, ‘maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten’ — kortom, tegen de listen van de duivel zelf.”

(Sit, Walk, Stand, hfst. 3; vgl. Ef. 6:12)

Tegelijk erkent Nee dat de demonische bezetting van de hemelse gewesten niet de definitieve toestand beschrijft maar een te verdringen usurpatie. De spanning is wezenlijk — Christus heerst, maar de principaten houden nog bezit:

“Toch moeten wij aan de andere kant toegeven dat wij nog niet zien dat alle dingen aan Hem onderworpen zijn. Er zijn nog steeds, zoals Paulus zegt, legers van boze geesten in de hemelse gewesten — donkere, boze machten achter de heersers van deze wereld, die een gebied bezet houden dat rechtmatig van Hem is.”

(Sit, Walk, Stand, hfst. 3)

Vanuit dit tweelaagsmodel wordt de ecclesiologische inzet van de geestelijke strijd duidelijk: de gemeente strijdt niet in een abstracte ruimte maar in de hemelse gewesten zelf — het domein waar Christus reeds overwinnaar is en waar de principaten hun illegitieme positie handhaven. In het twee-tronen-model dat Nee schetst (Christus’ troon “ver boven alle overheid en macht”, Ef. 1:20-21, tegenover de principaten die nog bezit nemen in de hemelse gewesten, Ef. 6:12) is het verdrijven van Satan’s territoriale aanspraak de directe taak van de gemeente.

Zie ook