Nieuw Jeruzalem

Het Nieuw Jeruzalem (Openb. 21:1-4), de heilige stad die neerdaalt uit de hemel, is voor Jones het antitype van de OT-tempeldienst in Jeruzalem — met name de verlichtingsceremonie bij het Loofhuttenfeest. Nee/Lee beschrijft de aardse stad en tempel als typen van de volheid van Christus in zijn Lichaam (de Gemeente). Warnock verbindt het Loofhuttenfeest als eschatologisch rustpunt met de voltooiing van Gods doelen — de werkelijkheid waarvan de feesten slechts types zijn. In alle drie de auteurs is het Nieuw Jeruzalem de eindbestemming van de typologische beweging: het antitype dat de OT-schaduwen vervult en tegelijk de uiteindelijke uitdrukking is van Christus in zijn Gemeente.

Bijbelse verankering

ReferentieContext
Joh. 7:37-39Jezus schreeuwt op de laatste, grote dag van het Loofhuttenfeest: “Wie dorst heeft, kome tot Mij”
Openb. 21:1-4Nieuw Jeruzalem daalt neer; “de tabernakel van God is bij de mensen”
Openb. 21:22-23De stad heeft geen tempel — de HEERE God en het Lam zijn haar tempel; geen zon nodig
Openb. 22:1-3Rivier van het water des levens, de boom des levens — Eden-beelden in de stad
Openb. 21:9-11De stad als de bruid van het Lam, stralend met de heerlijkheid van God

Typologische duiding per auteur

Jones

Jones beschrijft de jaarlijkse verlichtingsceremonie in de tempel te Jeruzalem bij het Loofhuttenfeest als een type dat het Nieuw Jeruzalem en zijn nieuwe tempel van levende stenen profeteerde:

“Deze ceremonie was bedoeld om de heerlijkheid van God in Jeruzalem voor te stellen… Toch profeteerde het van het Nieuwe Jeruzalem en zijn Nieuwe Tempel, gebouwd van levende stenen.”1

Voor Jones is het Nieuw Jeruzalem de eindtijdse vervulling van de feestencyclus: elk OT-feest wees heen naar de uiteindelijke woning van God bij de mensen. De stad die neerdaalt uit de hemel is de realisatie van wat de tempel-ceremonies typisch voorstelden.

Nee/Lee

Lee beschrijft de aardse stad Jeruzalem en haar tempel als typen van de volheid van Christus in zijn Lichaam. Het echte Nieuw Jeruzalem is voor Lee de gemeente als de expressie van Christus:

“In deze boodschappen willen we iets zien van het land Kanaän, dat het type is van de alles-omvattende Christus. We willen ook zien hoe de stad en de tempel die op dit land Kanaän gebouwd werden, typen zijn van de volheid van Christus, die Zijn Lichaam is, de Gemeente.”2

De overkoepelende hermeneutiek van Nee/Lee stelt dat fysieke werkelijkheden schaduwen zijn van de geestelijke werkelijkheid: de heilige stad is de schaduw waarvan Christus in zijn Gemeente de vervulde werkelijkheid is.

Warnock

Warnock verbindt het Loofhuttenfeest met de voltooiing van Gods doelen in de Kerk — de achtergrond waarop het Nieuw Jeruzalem verschijnt als eeuwige sabbat:

“Evenals de wekelijkse sabbat het einde was van Israëls week van moeite en arbeid — zo is het Loofhuttenfeest het einde van de week van strijd en onrust van de Kerk: het Feest aller Feesten, de Sabbat aller Sabbatten.”3

Het Loofhuttenfeest typeert de achste dag — het begin van een nieuw tijdperk — waarbinnen het Nieuw Jeruzalem de eeuwige tabernakel van God bij de mensen is.

Gerelateerde types

  • Verbonden: loofhuttenfeest (Loofhuttenfeest als het directe type van de eindtijdse vervulling en woning van God bij mensen)
  • Verbonden: eden (Eden-beelden — boom des levens, rivier — keren terug in het Nieuw Jeruzalem)
  • Verbonden: tabernakel (De tabernakel als vroege type van Gods woning bij mensen; het Nieuw Jeruzalem is de ultieme vervulling)
  • Via getalsymboliek: 12 (Twaalf poorten, twaalf fundamenten, twaalf edelstenen in het Nieuw Jeruzalem)

Voetnoten

Footnotes

  1. Jones, The Laws of the Second Coming, hfst. 7 — Tempel-verlichtingsceremonie bij Loofhuttenfeest als type van het Nieuw Jeruzalem en zijn levende-stenen-tempel.

  2. Nee/Lee, The All-inclusive Christ, hfst. 1 — Stad en tempel als typen van de volheid van Christus/de Gemeente.

  3. Warnock, The Feast of Tabernacles, hfst. 11 — Loofhuttenfeest als Sabbat aller Sabbatten; voltooiing van Gods doelen in de Kerk.