Stephen Jones — Prolegomena
b3 — Secrets of Time
Theologische Methode
Jones formuleert in het voorwoord van Secrets of Time (1996) zijn primaire doel expliciet als methodologisch uitgangspunt:
“Het algehele doel van dit boek is de Soevereiniteit van God in de geschiedenis te portretteren. Als dat doel bereikt wordt, zou u na het lezen van dit boek moeten zeggen: ‘Wat een geweldige God hebben wij!’ Of, zoals Paulus zou zeggen: ‘O, diepte van rijkdom, van wijsheid en van kennis Gods! Hoe ondoorgrondelijk zijn Zijn oordelen en onnaspeurlijk zijn wegen!‘” (Jones, Secrets of Time, Preface; vgl. Rom. 11:33)
Interpretatie: De soevereiniteit van God fungeert bij Jones niet louter als dogmatisch leerstuk, maar als hermeneutisch principe dat de leesrichting van het gehele werk bepaalt. Het theologische doel — Gods grootheid tonen — is tegelijk de epistemologische lens.
Verhouding Theologie en Geschiedenis
Jones articuleert een Bijbels-theocentrische geschiedenisvisie als zijn tweede doelstelling:
“Mijn tweede doel is u een algeheel overzicht te geven van de structuur van de geschiedenis, bezien vanuit een Bijbels perspectief. Alles is ordelijk. Niets gebeurt bij toeval. Mensen bepalen de geschiedenis niet; God doet dat. Naties rijzen en vallen overeenkomstig Zijn besluiten, zoals Nebukadnezar op de harde manier ontdekte in het vierde hoofdstuk van Daniël.” (Jones, Secrets of Time, Preface)
Interpretatie: Theologie en geschiedenis zijn bij Jones onscheidbaar. De Bijbel biedt het enige adequate kader voor het verstaan van historische gebeurtenissen — een positie die impliceert dat seculiere geschiedschrijving structureel tekortschiet zonder de bijzondere openbaring als interpretatiesleutel.
Bijzondere Openbaring als Epistemische Grondslag
De gezaghebbende rol van de bijzondere openbaring wordt onderbouwd door de stelling over de absolute geldigheid van Gods wet in de geschiedenis:
“Geen monarch staat boven de Wet van God, noch kan hij weerstaan aan het onomkeerbare oordeel van God wanneer de dag van zijn bezoeking is aangebroken.” (Jones, Secrets of Time, Preface)
Interpretatie: De ‘Wet van God’ — hier te verstaan als de geopenbaarde Schrift — heeft universele en onontkoombare geldigheid in de geschiedenis. Dit positioneert de bijzondere openbaring als de normatieve werkelijkheidsorde waaraan geen menselijke machtsstructuur ontkomen kan.
Theologisch Doel en Geestelijke Epistemologie
Als derde doel noemt Jones een formatieve dimensie die raakt aan de relatie tussen kennis en geloof:
“Een derde doel — en zeker niet het minst belangrijke — is in uw hart een brandend verlangen te wekken om God meer te kennen, om meer volkomen naar Zijn beeld en gelijkenis gevormd te worden, en de visie van het Loofhuttenfeest te ontvangen.” (Jones, Secrets of Time, Preface)
Interpretatie: Theologische kennis is bij Jones niet puur intellectueel maar transformatief van aard. Het kennen van God is gekoppeld aan gelijkvormigheid aan God — een epistemologie die verstand en heiligmaking onlosmakelijk verbindt.