George H. Warnock — Pneumatologie

b6 — Who Are You?


Doop in de Geest

Warnock erkent de doop in de Heilige Geest als een reële ervaring van toerusting met kracht, maar koppelt die onlosmakelijk aan de weg van het kruis en de verzwakking van het vlees:

“Wij verheugen ons over de gedachte dat de doop in de Heilige Geest toerusting met kracht inhoudt. Dat is het inderdaad. Maar de meesten van ons die deze ervaring hebben ontvangen, zijn teleurgesteld geweest te ontdekken dat de kracht van de oude Adamitische natuur sterk in ons bleef, en dat we dikwijls machteloos stonden tegenover de vijand. Het kan alleen zijn omdat we niet gewandeld hebben op de weg van het kruis.” — Hfst. 4

“Als we een doop in de Geest hebben ontvangen maar geen doop van de verzwakking van ons vlees, zullen we weinig ervaren van de doop in kracht. In de volheid van deze doop wil God ons verzwakken, zodat we alleen Zijn kracht en Zijn macht kennen. Als de Geest van God het heerschap heeft in ons leven, zal Hij ons leiden op de weg van het kruis; en als we die weg weigeren, zullen we nooit leren wandelen in de Geest.” — Hfst. 4

Interpretatie: Warnock plaatst de doop in de Geest in een heiligmakingskader. Toerusting met kracht werkt via menselijke zwakheid, niet naast vlese kracht. Dit onderscheidt hem van een zuiver charismatische ‘power-for-ministry’-visie.

Heiligmaking: de Geest van oordeel en branding

“De Heilige Geest is ons gegeven om ons heilig te maken; en Gods volk moet nog worden tot ‘heiligheid aan de HEERE.’ Wanneer zal dit plaatsvinden? ‘Wanneer de Heere de onreinheid der dochteren Sions zal hebben afgewassen… door de geest des oordeels, en door de geest der verbranding’ (Jes. 4:4). We gaan het alleen doen door ons te onderwerpen aan de GEEST VAN OORDEEL en DE GEEST VAN BRANDING.” — Hfst. 2

“Dan zal de aanwezigheid van de Heilige Geest in ons leven een vlammend vuur zijn dat schijnt in deze wereld van zonde en duisternis. ‘En de HEERE zal over elke woning van de berg Sion, en over haar samenkomsten, een wolk scheppen des daags, en rook en glans van een vlammend vuur des nachts’ (Jes. 4:5).” — Hfst. 2

Warnock roept ook rechtstreeks op:

“Heer, doop ons opnieuw — met de doop van de Heilige Geest en van vuur!” — Hfst. 2

Interpretatie: Warnock leert een radicale reinigingspneumatologie. De Geest werkt niet slechts troostvol maar ook als oordeel en vuur, dat de kerk van haar vleselijkheid reinigt. Jes. 4:4 is voor hem een sleutelpassage voor de eschatologische werking van de Geest.

Continuationisme: Azusa Street-getuigenis

Warnock citeert uitvoerig uit de geschriften van Frank Bartleman over de Azusa Street-opwekking (Los Angeles):

“De geest van zang, die God in het begin gaf, was als de Aeolische harp in zijn spontaniteit en zoetheid. Het was in werkelijkheid de adem van God zelf, spelend op menselijke hartsnaren of menselijke stembanden… Het was inderdaad ‘zingen in de Geest’.” — Hfst. 2 (citaat Frank Bartleman, Another Wave Rolls In)

“We hadden geen paus of hiërarchie. We waren broeders. We hadden geen menselijk programma; de Heer Zelf leidde. We hadden geen priesterkaste. Alles was spontaan, geordend door de Geest… Die diensten waren Heilige-Geest-samenkomsten, geleid door de Heer.” — Hfst. 2 (citaat Frank Bartleman)

“Wanneer God sprak, gehoorzaamden we allen. Het leek een vreeswekkende zaak om de Geest te belemmeren of te bedroeven… God was in Zijn heilige tempel. Het was voor de mens om stil te zijn.” — Hfst. 2 (citaat Frank Bartleman)

Warnocks eigen positie:

“Ik zeg niet: ‘laten we teruggaan naar Pinksteren.’ Ik zeg: ‘Laten we VOORWAARTS GAAN!’ Maar als we voorwaarts gaan, moeten we terugkeren naar die toewijding en overgave die zij in die dagen kenden.” — Hfst. 2

“Pinksteren was een oogst van ‘eerstelingen’. Als de heerlijkheid die we ooit kenden ‘eerstelingen’ was… dan verwachten we dat het slechts de voorsmaak was van de heerlijkheid die we zullen kennen bij de oogsttijd, het Loofhuttenfeest, het Feest van de Inzameling.” — Hfst. 2

Interpretatie: Warnock is nadrukkelijk continuationistisch. De Pinksterervaringen van Azusa Street zijn normatief als ‘eerstelingen’, maar de eschatologische volheid van de Geest gaat die ervaringen nog te boven. Cessationisme is afwezig in zijn denken.

Werking van de Geest: kracht door zwakheid

“Wanneer Paulus zegt, ‘Want de Geest helpt onze zwakheden’ (Rom. 8:26), begrijp ik dat dit letterlijk betekent: ‘De Geest voegt Zijn hulp bij onze zwakheid.’ Hij voegt Zichzelf niet aan de sterke, hoge plaatsen van onze natuur. Hij voegt Zijn hulp bij onze zwakheid. Dit maakt ons sterk — ‘Sterk in de Heere en in de sterkte van Zijn macht.‘” — Hfst. 4

“God heeft het zwakke der wereld uitverkoren om de sterken te beschamen… opdat geen vlees zou roemen voor Hem (1 Kor. 1:28-29). Dit is waar de Dag des HEEREN over gaat.” — Hfst. 4

Eenheid van de Geest

“Het gaat God niet alleen om ‘eenheid’. Babel wil dat ook. God wil ‘de eenheid van de Geest.’ Hij vereist dat we wandelen in eenheid met de Geest van Christus. Dit betekent dat we zeggen wat Hij zegt, doen wat Hij doet, protesteren tegen het kwaad in Gods volk wanneer Hij protesteert… God wil dat we ÉÉN zijn in de Geest.” — Hfst. 3 (vgl. Ef. 4:1-15)

“En zoals de duif die Hem vertegenwoordigt, wil Hij dat we wegvliegen van alles wanneer Zijn volk weigert met Hem te wandelen.” — Hfst. 3

Interpretatie: De Geest wordt hier vergeleken met een duif — een oud-christelijk symbool voor de Geest — en de eenheid die God zoekt is geestelijk en organisch, niet institutioneel (dat laatste is ‘Babel’).

Gaven van de Geest

“De Heer heeft Zijn volk trouw verrijkt met geestelijke gaven en bekwaamheden. Deze bekwaamheden zijn als de ledematen van het menselijk lichaam: ogen om te zien wat God openbaart, oren om te horen wat God zegt, handen om te doen wat God doet. Al te dikwijls is er een zeer mechanische bediening van de gaven geweest, omdat mensen geleerd wordt ‘hoe het te doen’. Maar naarmate Gods volk gevoed wordt met waarheid, zullen de gaven die ze van God hebben voortgekomen in de schoonheid van Zijn Leven.” — Hfst. 4

Over profetie specifiek:

“Wanneer je een profetie hoort, is het over het algemeen niet moeilijk te onderscheiden of God heeft gesproken, of dat degene die spreekt geleerd heeft HOE hij moet profeteren.” — Hfst. 4

“Amos zei dat hij niet anders kon dan profeteren, omdat hij van God hoorde — en zoals men gevuld wordt met vrees wanneer de leeuw brult, zo zegt hij: ‘Ik moet profeteren, want de Heere GOD heeft gesproken’ (vgl. Amos 3:8).” — Hfst. 4

Interpretatie: Warnock maakt een scherp onderscheid tussen aangeleerde/mechanische uitoefening van de gaven en organisch, door Gods leven gedreven gave-uitoefening. Gaven zijn voor hem echte, levende openbaringen van de Geest — geen aangeleerde technieken.

Geest als Onthuller van het Evangelie

“‘Want de Geest doorzoekt alle dingen, ja, de diepste dingen van God’ (1 Kor. 2:10). Hebt u opgemerkt waarom God ons Zijn Heilige Geest heeft gegeven? Opdat Hij de diepste dingen van God zou doorzoeken!” — Hfst. 6

“Het evangelie is niet slechts een verkondigde boodschap… HET IS EEN GEOPENBAARD GEHEIM. Schellen moeten van verblinde ogen worden verwijderd voordat mensen kunnen ‘ZIEN wat de gemeenschap van het geheimenis is’. De harten van mensen moeten worden doorboord door het zwaard van de Geest voordat ze in staat zijn te ‘ZIEN’. ‘Maar God heeft ons die dingen geopenbaard door Zijn Geest’ (1 Kor. 2:7-10).” — Hfst. 6

Bidden in de Heilige Geest

“We zouden leren hoe we ons aan de Geest van God moesten overgeven, zodat Hij door ons ‘voor de heiligen pleit overeenkomstig de wil van God’. We zouden leren hoe we ‘in de Heilige Geest moeten bidden’: vurige gebeden, hete gebeden, die gedoopt zijn met het vuur van de hemel… gebeden die de troon van God bereiken.” — Hfst. 6

Interpretatie: ‘Bidden in de Geest’ is voor Warnock niet technisch maar een vrucht van de kruisweg: alleen wie geleerd heeft te wandelen in de wijsheid van het kruis penetreert de hemelen in gebed.

Liegen aan de Heilige Geest

“Petrus zei dat ze ‘niet tegen mensen, maar tegen de Heilige Geest’ hadden gelogen. In hun zwijgen over wat ze deden, gaven ze de indruk dat ze alles gaven, zoals de anderen deden. Ze logen tegen de Heilige Geest!” — Hfst. 2 (over Ananias en Sapphira, Hand. 5)

“O, als Gods volk de gevolgen van de Dag des HEEREN maar zou kunnen erkennen, en van Zijn heerlijkheid die in Zijn tempel komt te wonen! Weg zouden de entertainment en gimmicks zijn die vandaag worden gebruikt om mensen tot Jezus te brengen! Satan vreest niets wanneer hij Gods volk ziet optrekken naar de strijd met vleselijke wapens.” — Hfst. 2

Interpretatie: Warnock gebruikt Ananias en Sapphira als illustratie van de heiligheid van de Geest in de gemeenschap: waar Gods heerlijkheid woont in Zijn volk, is onoprechtheid voor de Geest levensbedreigend.