Cees en Anneke Noordzij — Christologie
b5 — De hand aan de ploeg slaan
Profetisch ambt — Jezus als de Roeper die uitverkiest
Jezus roept volgelingen persoonlijk uit, getypeerd via het beeld van het twaalfde span ossen (1Kon.19:19). Het getal twaalf duidt op uitverkiezing tot een bediening met goddelijk gezag:
“Jezus roept ‘het twaalfde span’, dat aan het ploegen is op ‘Gods akker’ (1Kor.3:9, 1Kon.19:19). Hij kiest hen uit om met Hem mee te gaan (Joh.15:16, Marc.3:14). Hij zegt: ‘Volg Mij, dan zal je de hemel zien opengaan’ (Matt.9:9, Joh.1:43, Joh.1:52).”
Bronverwijzing: Noordzij, De hand aan de ploeg slaan, §De roeping van Elisa.
Interpretatie: Noordzij legt een directe parallel tussen Elisa’s roeping door Elia en Jezus’ roeping van Zijn volgelingen. Het twaalfde span is een type voor hen die “tevoren gekend en uitverkoren” zijn tot een bediening met goddelijke autoriteit.
Koninklijk ambt — Christus als goede Herder
De Herder kent Zijn schapen bij naam en roept hen persoonlijk:
“De goede Herder kent ze bij naam en roept ze allemaal persoonlijk tot Zich (Ps.147:4, Joh.10:3).”
Over de eenheid van de kudde en het geleide naar het koninkrijk:
“Zo leidt Hij ons uit naar de stille wateren en de grazige weiden van het Koninkrijk der hemelen (Joh.10:3). Dáár wordt het één kudde en één herder van schapen die de stem van de goede Herder kennen (Joh.10:16). Dat is niet iets voor later. Wie Hem volgt, ervaart dat hier en nu.”
Bronverwijzing: Noordzij, De hand aan de ploeg slaan, §De roeping van Elisa en §Rechte voren trekken.
Interpretatie: Noordzij situeert de goede Herder-beelden niet eschatologisch maar in het huidige geestelijke leven van de volgeling; het ervaren van Herder-leiding is presentisch.
Jezus als geestelijke tempel
In de uitleg van Joh.2:19-21 stelt Noordzij dat Jezus aan Zichzelf dacht, niet aan de stenen tempel:
“Toen de Heer zei: ‘Breek deze tempel af en binnen drie dagen zal Ik hem doen herrijzen’, dacht Hij niet aan een natuurlijke tempel (zoals de schriftgeleerden). Hij dacht aan een geestelijke tempel van God. Hij dacht aan Zichzelf (Joh.2:19-21, vgl. Kol.2:9).”
Bronverwijzing: Noordzij, De hand aan de ploeg slaan, §Rechte voren trekken.
Interpretatie: Jezus als geestelijke tempel is voor Noordzij een voorbeeld van “rechte voren trekken” (orthotomeo): het consequent onderscheid maken tussen aardse schaduwbeelden en geestelijke werkelijkheden.
Jezus’ gehoorzaamheid aan de Vader
Jezus handelde en sprak uitsluitend vanuit volledige afhankelijkheid van de Vader:
“Op Zijn twaalfde was Hij al volkomen bezield van de dingen van de Vader (Luc.2:49). Toch bleef Hij stil, tot Zijn dertigste. En ook daarna stond Hij vaak ‘vroeg, nog diep in de nacht, op en ging naar buiten naar een eenzame plaats om te bidden’ (Marc.1:35). Wat Hij sprak, had Hij eerst van de Vader gehoord (Joh.8:38). Wat Hij deed, had Hij eerst de Vader zien doen (Joh.5:19). Zo kon Hij spreken met ‘woorden van eeuwig leven’ (Joh.6:68).”
Bronverwijzing: Noordzij, De hand aan de ploeg slaan, §Ploegen en rusten.
Interpretatie: Noordzij gebruikt Jezus’ gehoorzame wachten en luisteren als normatief model voor de volgeling. De volledige afstemming op de wil van de Vader is voor Noordzij de grondslag van Jezus’ bediening.
Christus’ werken en grotere werken door gelovigen
Parallel aan Elisa’s ontvangst van het dubbele deel van Elia’s geest staat Jezus’ belofte in Joh.14:12:
“Voorwaar, Ik zeg jullie, wie in Mij gelooft, de werken die Ik doe, zal hij ook doen, en grotere nog dan deze, want Ik ga tot de Vader (Joh.14:12).”
Bronverwijzing: Noordzij, De hand aan de ploeg slaan, §De roeping van Elisa.
Interpretatie: Noordzij ziet in Elisa’s ontvangst van het dubbele deel van Elia’s geest een type voor de grotere werken die gelovigen in Christus zullen doen. De hemelvaart (“Ik ga tot de Vader”) is de noodzakelijke voorwaarde voor deze overdracht.