Watchman Nee & Witness Lee — Christologie

b5 — Basic Elements of Christian Life, Volume 3


Incarnatie en twee naturen

De 9-puntengeloofsbeschrijving aan het einde van de bundel herhaalt de confessionele formulering over de menswording:

“De Zoon van God, ja God Zelf, werd vleesgemaakt tot een mens met de naam Jezus, geboren uit de maagd Maria, opdat Hij onze Verlosser en Heiland zou zijn.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, ‘Over twee dienaren van de Heer’, punt 3 (p. 42)

“Jezus, een waarachtig mens, leefde drieëndertig en een half jaar op aarde om God de Vader aan de mensen bekend te maken.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, ‘Over twee dienaren van de Heer’, punt 4 (p. 42)

Interpretatie: De twee naturen worden naast elkaar gesteld: ‘God Zelf’ (goddelijkheid) en ‘een waarachtig mens’ (menselijkheid). De hypostatische unie wordt niet dogmatisch uitgewerkt maar confessioneel bevestigd. Punt 4 benadrukt het profetisch ambt: het menselijke leven van Christus dient de openbaring van de Vader.


Verzoening: priesterlijk ambt

“Jezus, de door God met Zijn Heilige Geest gezalfde Christus, stierf aan het kruis voor onze zonden en stortte Zijn bloed voor het volbrengen van onze verlossing.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, ‘Over twee dienaren van de Heer’, punt 5 (p. 42-43)

Interpretatie: De verzoeningsdood wordt als geloofspunt bevestigd. De formule ‘voor onze zonden’ en ‘Zijn bloed gestort’ wijst op een satisfactorische of plaatsvervangend-priesterlijke verzoening. Zie ook b3 en b4 voor verdere uitwerking van het bloed-motief.


Opstanding, hemelvaart en koninklijk ambt

“Jezus Christus werd, na drie dagen begraven te zijn, opgewekt uit de dood, en voer veertig dagen later op naar de hemel, waar God Hem de Heer van alles maakte.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, ‘Over twee dienaren van de Heer’, punt 6 (p. 43)

“Na Zijn hemelvaart stortte Christus de Geest van God uit om Zijn uitverkoren leden in één Lichaam te dopen.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, ‘Over twee dienaren van de Heer’, punt 7 (p. 43)

Interpretatie: Opstanding en hemelvaart leiden tot het koninklijk ambt (‘de Heer van alles’) en tot de uitstorting van de Geest. Het onderscheid met b4 is klein; b5 verbindt de hemelvaart expliciet met de Geestesuitstorting als volgende heilshistorische stap.


Christus als levensbeginsel: boven wet en profeten

Hoofdstuk 1 presenteert een uniek christologisch accent: Christus als de levende norm die de wet en de profeten vervangt. Op de berg der verheerlijking verschenen Mozes en Elia, maar God zweeg hen tot zwijgen:

“God bracht hen hier tot zwijgen. God zei tot Petrus: ‘Dit is Mijn Zoon, de Geliefde.… Hoor Hem!’ (Matt. 17:5). Vandaag is de norm voor het christelijke leven niet meer de wet, noch de profeten. De norm voor het christelijke leven is nu Christus Zelf; het is de inwonende Christus in ons.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 1 (p. 15)

Dit wordt verbonden met het onderscheid tussen leven en goed/kwaad:

“Het christendom is leven. Het christendom gaat niet over de vraag of iets goed of fout is. Het christendom spreekt van leven, niet van goed en kwaad.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 1 (p. 9)

“2 Kor. 5:7 zegt: ‘Wij wandelen door geloof, niet door aanschouwing.’ Wij bepalen de dingen niet door een uitwendige, zichtbare wet. Wij leven naar de leiding die de Heer ons inwendig geeft.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 1 (p. 19)

Interpretatie: Dit accent is uniek voor BXL3 binnen het Nee/Lee-corpus. Christus als levensbeginsel overstijgt zowel de wet (Mozes) als de profeten (Elia). De inwonende Christus is de levende norm: niet een uitwendig gebod, maar een inwendig levensgevoel. Dit is een christologisch-anthropologisch thema: de opgestane Christus woont in de menselijke geest en leidt van binnenuit. [SPANNING met eerdere christologische traditie: de vervanging van de wet door het levensbeginsel kan antinomistisch worden gelezen; Nee en Lee voorkomen dit door de eis van ‘leven’ strenger te stellen dan de wet, niet milder.]


Christus als inwoner van het hart (Ef. 3:17)

Het centrale christologische thema van hoofdstuk 2 is de inwoning van Christus in het hart als doel van Gods eeuwig plan:

“Ef. 3:17 zegt: ‘Opdat Christus door het geloof in uw harten woning maakt.’ Hij moet ons leven zijn en wij moeten Zijn woning zijn. Het is niet ons lichaam dat Zijn woning moet zijn, maar ons hart.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 2 (p. 25-26)

“Christus is nu in onze geest, maar Hij is op zoek naar een woning in ons hart. Wanneer we dan vervuld worden met alle volheid van God — niet met materiële dingen, noch met kennis, noch met gaven, noch met enige uiterlijke manifestaties, maar met de volheid van God Zelf!”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 2 (p. 26)

De weg naar de inwoning verloopt via bekering en belijdenis:

“Door bekering keren wij ons verstand tot de Heer, en door belijdenis oefenen wij ons geweten. […] Dan is de poort naar de geest geopend, zodat de Heer meer en meer kan binnenkomen om onze geest te vervullen en te versterken.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 2 (p. 29-30)

Interpretatie: De inwoning van Christus in het hart (Ef. 3:17) is de christologische kern van hfst. 2. Lee onderscheidt twee stadia: (1) Christus in de geest (bij wedergeboorte) en (2) Christus die woning maakt in het hart (bij geestelijke groei). Dit is een christologisch-pastoraal accent dat b5 onderscheidt van b1-b4.


Zoonschap: schepping en verwekking

Hoofdstuk 2 presenteert het zoonschap als het eeuwig doel van God:

“In de eerste plaats moet de gemeente het zoonschap bezitten om God tot uitdrukking te brengen; ten tweede is het de gemeente waardoor Satan verslagen en beschaamd zal worden; en ten derde is het de gemeente waardoor Christus alle dingen onder Zijn hoofdschap zal samenvatten.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 2 (p. 23)

“Door schepping bracht Hij ons tot aanzijn, en door verwekking deelde Hij Zichzelf in ons in als ons leven.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 2 (p. 23)

Interpretatie: Het zoonschap is niet alleen soteriologisch (redding van de zonde) maar christologisch-kosmisch: Christus als hoofd van het nieuwe menselijke corpus. De parallel schepping/verwekking verbindt de eerste schepping (Adam) met de nieuwe schepping (Christus als het leven). Dit accent is verwant aan het incarnatie-motief: dezelfde Christus die vleesgemaakt werd, wordt nu als leven in de gelovigen ingeplant.


Christus als de onmeetbare rijkdom (Ef. 3:18-19)

“Dit zijn de dimensies van Christus! Christus is de breedte, de lengte, de hoogte en de diepte; Hij is onmeetbaar en onbegrensd. Wij moeten de ondoorzoekelijke rijkdommen van Christus begrijpen en vervuld worden met alle volheid van God.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 2 (p. 30)

“Het is niet iets uiterlijks zoals kennis, gaven en tekenen; het is geheel de inwendige ervaring van de inwonende Christus.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, hfst. 2 (p. 31)

Interpretatie: De vier dimensies van Ef. 3:18 worden christologisch geïnterpreteerd: Christus Zelf is onmeetbaar. Dit accent plaatst de persoon van Christus boven elke uitwendige openbaring (gaven, kennis, tekenen). De kerkopbouw (hfst. 2) hangt geheel af van de inwendige ervaring van Christus.


Wederkomst

“Aan het einde van dit tijdperk zal Christus terugkomen om Zijn gelovigen op te nemen, de wereld te oordelen, de aarde in bezit te nemen en Zijn eeuwig Koninkrijk te vestigen.”

— Nee/Lee, Basic Elements of Christian Life, Vol. 3, ‘Over twee dienaren van de Heer’, punt 8 (p. 43)

Interpretatie: De wederkomst wordt als geloofspunt vermeld zonder eschatologisch systeem. Zie de eschatologie-dossiers voor verdere uitwerking van het premillennialisme van Nee/Lee.